Controle kweekgebieden
De waterkwaliteit van de Oosterschelde en de Waddenzee wordt nauwkeurig in de gaten gehouden. Visserijkundige ambtenaren van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit nemen regelmatig monsters van het zeewater en van de mosselen. Vervolgens worden deze monsters geanalyseerd door het RIKILT. Het RIKILT is een onafhankelijk onderzoeksinstituut op het gebied van veilig en gezond voedsel.
Deze monsters worden gecontroleerd op de aanwezigheid van ongewenste bacteriën, zoals E.colibacteriën. Verder doet het RIKILT onderzoek naar schelpdiertoxiciteit. Dit wil zeggen, dat er wordt gekeken naar de aanwezigheid van schadelijke stoffen, die bij consumptie van de mosselen eventueel vervelende klachten kunnen veroorzaken zoals buikloop, overgeven en buikkramp. Zo'n toxine wordt vaak door de natuur gevormd, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van veel algen. Het kan zich ophopen in mosselen en vervolgens door het eten ervan een schadelijke werking hebben. De aanwezigheid van een toxine is niet schadelijk voor de mossel zelf. Aan de mossel zelf is dus ook vaak niets te zien.
Het gebeurt gelukkig niet vaak, maar zodra er sprake is van toxiciteit neemt de sector zelf direct voorzorgsmaatregelen. Eén van de maatregelen is het verbieden van visserij in de gebieden waar de toxiciteit is vastgesteld. Zo wordt voorkomen dat mosselen uit die gebieden in het handelskanaal komen. Omdat de natuur over een behoorlijk herstellend vermogen beschikt, kan doorgaans na een korte periode de visserij weer worden hervat.